Archief voor 26 mei 2011
Madelief
Geplaatst door Kaat in blog, gezien, uit de oude doos op 26/05/2011
Mijn allereerste held die geen familie was, was een meisje. Een meisje van ongeveer zeven, dat de hoofdrol speelde in boeken met stoere titels als: ‘Met de poppen gooien‘, ‘Grote mensen daar kun je maar beter soep van koken‘ en ‘Op je kop in de prullenmand‘. Als je mij vroeg wat ik later wilde worden, dan antwoordde ik met ‘Madelief’.
Madelief groeide op in een gezin met alleen een mama, en haalde met haar vriendjes en vriendinnetjes veel kattenkwaad uit. En dat allemaal in hele korte verhaaltjes, die mijn moeder voorlas voor het slapengaan en ik, toen ik zelf kon lezen, keer op keer stuk las. Ik was verliefd op Madelief en de personages in het boek. Madelief het stoere meisje, Jan Willem haar sullige vriendje, Robbie die in een dichtgetimmerd huis woonde en meester Cowboy. Ik wilde zelf ook graag een meester Cowboy. Meester Cowboy was namelijk een hele bijzondere meester. Hij werd niet kwaad om het onleesbare handschrift van Madeliefs klasgenoot Peter. Hij zei dat Peter geheimschrift schreef. Het was dus juist de bedoeling dat je het niet snapte. Meester Cowboy had soms zelf ook helemaal geen zin in lesgeven. Dan mochten alle kinderen net zo hard gaan brullen als ze willen om weer even helemaal los te komen. Alleen jammer dat de onderwijsinspecteur dan net langskomt. Meester Cowboy was een meester zoals alle leraren zouden moeten zijn.
Ik moest lachen om Madelief, maar leefde ook enorm met haar mee. Ook werd ik voor het eerst ontroerd door een verhaaltje uit een van de boeken. Madelief heeft namelijk een klasgenootje dat niet ‘normaal’ is. Eigenlijk moet ze naar een speciale school, maar dat willen haar ouders niet omdat ze dan ook uit huis zou moeten. Het meisje speelt het liefst de hele dag tijgertje en denkt eigenlijk dat ze een tijger is. In plaats van dat de kinderen haar pesten, of gek tegen haar doen, stimuleert meester Cowboy dat ze met haar meedoen. Ze moeten ook tijgertje spelen en dat pakt goed uit. (Voor de mensen die net komen lezen: ik heb ook een bijzonder zusje dat mijn ouders graag in huis wilde houden).
Wat ik als kind niet zag, maar als volwassene wel teruglees in het juryrapport van de Gouden Griffel die Guus Kuijer in ’76 won voor ‘Met de poppen gooien’, is het volgende:
Want dat van die maatschappelijke situaties was me natuurlijk totaal ontgaan. Wat ik door de boeken wel heb geleerd is dat ‘anders’ niet per definitie ‘abnormaal’ was. Je hoefde als kind niet altijd in de pas te lopen. Dat hoefde juist niet. Een gezin zonder vader was heel normaal en dus was dat voor mij de familie met de twee papa’s die bij ons om de hoek woonde ook.
Pas later in ‘Krassen in het tafelblad‘ herkende ik een volwassen probleem. Namelijk een oma die ongelukkig was omdat ze waarschijnlijk in een jappenkamp had gezeten. Dat herkende ik uit mijn omgeving en dat was dan ook het eerste boek van Kuijer waar ik tranen met tuiten om gehuild heb.
Waarom de verhalen van Madelief me zo ontzettend boeiden, was omdat ze eigenlijk altijd in huis, op straat of op school speelden en er nooit écht wat spectaculairs gebeurde. Het was vooral de levendige fantasie van de kinderen, die de gebeurtenissen ongewoon maakte. Daarmee werd ook mijn eigen fantasie geprikkeld. En zo hoort het ook. Daar kan toch geen playstation, wii, of tv-programma van winnen? Van je eigen fantasie?
De boeken van Madelief staan bij mij absoluut op nummer 1 als de boeken van mijn jeugd. Als kind las ik continu. En natuurlijk verloor ik mezelf ook in de verhalen van Annie M.G. Schmidt, Roald Dahl, en later van Jan Terlouw, Thea Beckman en vele anderen, maar niet zo erg als ik me verloor in Madelief. Mijn held Madelief. Eigenlijk wil ik haar nog steeds worden, en ergens hoop ik dat ik haar inmiddels ook daadwerkelijk een beetje geworden ben.

En nou ben ik natuurlijk wel heel benieuwd? Wie was jouw held? En welke boek heb jij stukgelezen?



Recente reacties